Opleidingscheques werkgevers
Betaald Educatief Verlof
Vrijstelling betaling inschrijvingsgeld
Vrijstelling voor werklozen
Opleidingscheques werkgevers De opleidingscheques voor werkgevers werden sinds januari 2006 vervangen door de zogenaamde ondernemerschapsportefeuille (BEA). Heb je werkgeverscheques die nog geldig zijn, dan kan je die nog gebruiken tot 30 september 2006. Je mag ze voor eenzelfde opleiding niet combineren met opleidingscheques voor werknemers. Meer info over BEA (Budget voor Economisch Advies) op www.BEAweb.be Opleidingscheques werknemers De opleidingscheques voor werknemers: kunnen autonoom door werknemers worden aangevraagd. Deze cheques dienen aangevraagd te worden via de VDAB en hebben een waarde van 5 à 25 €. De geldigheidsduur is hier minder belangrijk : ook na start van de cursus kunnen ze nog aangevraagd worden en blijven 14 maanden geldig. Ook ambtenaren kunnen hiervan gebruik maken. Meer info op http://www.vdab.be/opleidingscheques en http://www2.vlaanderen.be/infolijn/archief-vragen/150703.html
Betaald Educatief Verlof Als werknemer kun je extra verlofuren krijgen voor opleidingen of cursussen die je in je vrije tijd volgt. Wanneer de lesuren samenvallen met je werkuren, kun je die extra verlofuren gebruiken om de lessen ook effectief bij te wonen. Als cursist word je gewoon doorbetaald en de werkgever krijgt die kosten vergoed door de overheid. Meer informatie alsook de regelgeving over het 'betaald educatief verlof' vind je op de website van het federaal ministerie van Tewerkstelling en Arbeid, meta.fgov.be
De regelingen betreffende het Betaald Educatief Verlof zijn aangepast vanaf 1/09/06: het aantal kredieturen waarop je als werknemer aanspraak kunt maken, wordt om budgettaire redenen teruggeschroefd.
Een nieuw Koninklijk Besluit voorziet nu overgangsmaatregelen, waardoor die vermindering van het aantal kredieturen niet van toepassing is op cursisten die een opleiding volgen die deel uitmaakt van een meerjarige cyclus én die uiterlijk in het schooljaar 2006-2007 met de opleiding startten. De overgangsmaatregelen gelden enkel voor:
- opleidingen in het secundair onderwijs of in sociale promotie die leiden tot een diploma van hoger secundair onderwijs, voor zover de werknemer nog geen diploma of getuigschrift van hoger secundair onderwijs heeft;
- opleidingen basiseducatie, erkend door de erkenningscommissie, voor zover de werknemer nog geen diploma of getuigschrift van hoger secundair onderwijs heeft;
- opleidingen in het hoger onderwijs die leiden tot de graad van bachelor of master of tot een diploma of getuigschrift van het hoger onderwijs voor sociale promotie;
- opleidingen georganiseerd door een Hoger Instituut voor permanente vorming en erkend door de erkenningscommissie, voor zover de werknemer nog geen gelijkwaardig diploma van hoger onderwijs heeft.
Vrijstelling betaling inschrijvingsgeld Het decreet betreffende het volwassenenonderwijs voorziet voor het inschrijvingsgeld in het volwassenenonderwijs een standaardtarief van 1 euro per lestijd. Tijdens het schooljaar 2007-2008 geldt weliswaar een overgangsmaatregel waarbij de Centra voor Volwassenenonderwijs zelf het inschrijvingsgeld kunnen bepalen tussen 0,80 euro en 1 euro per lestijd. Vanaf het schooljaar 2008-2009 geldt het standaardtarief van 1 euro. Voor enkele specifieke categorieën voorziet het voorontwerp van decreet hetzij een volledige vrijstellling hetzij een gedeeltelijke vrijstelling van het inschrijvingsgeld.
Volledige vrijstelling van het inschrijvingsgeld: - alle cursisten in het studiegebied algemene vorming; - alle cursisten met een inkomen via maatschappelijke dienstverlening of een leefloon of die ten laste zijn van één van deze categorieën; - asielzoekers die materiële hulp genieten; - gedetineerden; - minderjarigen die deelnemen aan het secundair volwassenenonderwijs in het kader van de samenwerking tussen de Centra voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de Centra voor Volwassenenonderwijs; - cursisten die op het ogenblik van hun inschrijving nog niet voldaan hebben aan de voltijdse leerplicht; - cursisten die een wachtuitkering of werkloosheidsuitkering krijgen en die een opleiding volgen die door de VDAB erkend is in het kader van een traject naar werk; - niet-werkende verplicht ingeschreven werkzoekenden die nog geen recht op een wachtuitkering hebben verworven; - inburgeraars die een inburgeringscontract hebben ondertekend of een inburgeringsattest behaald hebben voor de opleidingen Nederlands tweede taal op richtgraad 1 en 2.
Verminderd inschrijvingsgeld van 0,25 euro per lestijd: - cursisten met een inkomen via een wachtuitkering of een werkloosheidsuitkering voor alle opleidingen die niet gevolgd worden in een door de VDAB erkend traject naar werk of ten laste zijn van één van deze categorieën; - alle cursisten die in het bezit zijn van een van de volgende attesten of die ten laste zijn van een persoon die in het bezit is van een van volgende attesten: °een attest, uitgereikt door de bevoegde overheid, waaruit arbeidsongeschiktheid van ten minste 66% blijkt; °een attest waaruit het recht blijkt op een integratietegemoetkoming aan gehandicapten; °een attest waaruit de inschrijving bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap blijkt; °alle cursisten die gedurende twee opeenvolgende schooljaren opleiding gevolgd hebben in een Centrum voor Basiseducatie gedurende ten minste 120 lestijden en dit voorafgaand aan het schooljaar van inschrijving in een Centrum voor Volwassenenonderwijs.
Verminderd inschrijvingsgeld van 0,50 euro per lestijd: - alle cursisten voor een opleiding Nederlands tweede taal.
Vrijstelling voor werklozen Uitkeringsgerechtigde volledig werklozen kunnen van bepaalde verplichtingen vrijgsteld worden: o voor het volgen van een beroepsopleiding o voor het volgen van een opleiding tot zelfstandige o voor het hervatten van studies met volledig leerplan o voor het volgen van andere studies en opleidingen
voor zover je: o als regelmatig student bent ingeschreven en voltijds studeert in het dagonderwijs o geen einddiploma van het hoger onderwijs behaalde o een uitkeringsgerechtigd volledig werkloze bent bij aanvang van je studies o sinds tenminste twee jaar je vorige studies beëindigd hebt minimum 312 werkloosheids- of wachtuitkeringsdagen genoten hebt in de loop van de twee jaar die de aanvang van de studies voorafgaat en door de directeur van het werkloosheidsbureau van de RVA een afwijking toegestaan gekregen hebt
Voor meer inlichtingen neem je contact op met je uitbetalingsinstelling (vakbond of hulpkas) of de plaatselijke RVA (www.rva.be) |